<Resultaat 5 van 1419

>

Ant[werpen] 17/1 90

Waarde Vriend,

Ik geloof dat gij heel goed kunt laten aan Teirlinck te antwoorden. Ik denk gunstig over Molleke.[1] Ik keur natuurlijk het tendenzachtige af in het werk, maar dit daargelaten is het goed verteld en voor mij het beste wat T[eirlinck] alleen voortbracht.

Wat Billiet betreft. Ik heb hem gesproken over uw artikel. Hij vindt het te lang, maar beloofde toch het op te nemen.[2] Wanneer zegde hij niet. Hij zag er dien dag nog al slecht geluimd uit en ik had maar een paar minuten om met hem te spreken. Hij zegde mij dat hij geen boeken noch tijdschriften meer ontvangt en dat wat men hem vroeger zond nu in uwe handen komt en blijft. Voor hetgeen hij er mee deed, begrijpt men dat men verkiest het u te zenden[.]

Wat uwe artikels aangaat, ik moet u daar eens over spreken. Gij en V[an de Venne] zoudt moeten leeren dagbladartikels schrijven.[3] Dit is iets anders dan verhandelingen. Het moet kort, treffend en pittig zijn. Men heeft dit zoo niet van eerst af, en krijgt het soms nooit, maar het is wel de moeite waard er zich op toeteleggen, daar het een kwestie is van bruikbaar te zijn of niet te zijn.

Ik moet bij de eerste gelegenheid heel de zaak nog eens met B[illiet] en met J[an van] Rijswijck bespreken.[4] V[an] Doeselaer heeft aangenomen te pogen den vrede tusschen hem en B[illiet] te herstellen opdat voortaan het Ned[erlandsch] Tooneel in den K[oophandel] besproken worde[.][5]

Hartelijk gegroet

Max Rooses.

Annotations

[1] Emmanuel De Bom, 'Molleke! Drij novellen door I. Teirlinck', in: De Vlaamsche School, nr. II (1889), p. 189. Samen met de novellen Arme vleermuis! en Van stekelke en stekelinneke! verscheen het in 1889 te Rotterdam bij P.J. Verlooy. Ze verschenen eerder ook reeds als feuilleton in De Vlaamsche kunstbode, XVII (1887), p. 145-165 en p. 193-215, waarin ze gedateerd en gelokaliseerd werden als 'Molenbeek, Brussel, 1886'. De Bom liet zich in zijn artikel in De Vlaamsche School vrij ongunstig uit over deze novellen en noemde Molleke! een mislukking.
[2] Welk artikel Rooses hier bedoelt, kon niet achterhaald worden. Wellicht heeft Paul Billiet dit artikel toch niet geplaatst in de Koophandel van Antwerpen, want het eerste dat De Bom daarin publiceerde was een bespreking van de tiende en elfde aflevering van het Nederlandsch museum, in de rubriek 'Kunst– en letternieuws' (5 februari 1890). Meteen kondigde hij het verschijnen aan van het tijdschrift Land en volk. Van de gerecenseerde nummers was op 17 januari echter nog maar alleen de tiende aflevering van het Nederlandsch museum verschenen, zodat het in de brief vermelde artikel onmogelijk kan slaan op dat van 5 februari. Het volgende artikel van De Bom verscheen in de Koophandel van Antwerpen op 11 februari 1890 ter gelegenheid van het jubileumfeest van W.F.G. Nicolaï, dat op 21 februari 1890 zou plaatsvinden, en komt dus evenmin in aanmerking.
[3] I.v.m. Jef van de Venne en zijn debuut in de journalistiek, zie brief 3, noot 2. Van de Venne had Emmanuel de Bom een artikel van hem over de Bode van OLV van het H. Hart van Averbode gezonden, opdat die het zou doorsturen naar Max Rooses, ter bemiddeling bij Paul Billiet om het in de Koophandel van Antwerpen te plaatsen. Zie de ongedateerde brief van Emmanuel de Bom aan Max Rooses (waarschijnlijk eind 1889) in het AMVC (B708, 30939/87).
[4] De 'zaak' betreft de toestand en het bestuur van de Nederlandsche Schouwburg te Antwerpen, waarvan Frans van Doeselaer sedert 1882 de directie waarnam. Reeds in 1886 kloeg De Vlaamsche kunstbode over de slechte gang van zaken en hekelde het de vertoning van 'draken' door de Nederlandsche Schouwburg van Antwerpen (jrg. VXVI (1886), p. 233).
Emmanuel Rosseels, lid van de Antwerpsche tooneelraad, stelde tijdens het twintigste Nederlandsche taal– en letterkundig congres (Amsterdam, 1887) de exploitant aansprakelijk voor deze gang van zaken. Al die jaren voerde Paul Billiet een heftige polemiek in de Koophandel van Antwerpen tegen de directie van de Nederlandsche Schouwburg, die volgens hem de kunst verkrachtte. Zie onder meer de Koophandel van Antwerpen van 16 februari 1889, p. 1.
Het verslag over het toneeljaar 1889–1890, dat de toneelcommissie onder het voorzitterschap van Jan van Rijswijck voor de gemeenteraad opstelde, constateerde én het 'vreemde' repertorium én het feit dat Frans van Doeselaer met verlies werkte. Zie het Gemeenteblad van 1890 (tweede halfjaar, p. 122). Van Doeselaer, die voorheen door de toneelcommissie op de vingers getikt was, had bij Rooses het opvoeren van 'draken' trachten te verantwoorden door te wijzen op financiële tekorten; zie zijn brief aan Rooses van 20 oktober 1889 in het AMVC (D573, 30976/94).
In de zittingen van het Antwerpse Taalverbond van 10 en 31 oktober 1889 hekelden Emmanuel Rosseels, Gustaaf de Lattin, Pol de Mont en Bernard Bolle zowel het repertorium als de gebrekkige opvoering, de keuze van de muziek tussenin, de kostumering enz. Een commissie tot nadere studie van de toestand werd opgericht, met als leden Rosseels, De Mont, De Lattin en Hendrik Baelden. Deze commissie, die in de schoot van het Antwerpse Taalverbond was opgericht, zou vervolgens verslag uitbrengen aan de Tooneelcommissie, waarvan de meeste leden ook lid van het Taalverbond waren: Jan van Rijswijck, Jan Florus, Nicolaas Jan Cupérus, Frans Gittens, Emmanuel Rosseels en Max Rooses. Zie het Verslagboek Volkskunde (p. 47-57) in de documentatie over het Taalverbond, (AMVC (T106/D).
Paul Billiet publiceerde dit verslag van de toneelcommissie van het Taalverbond aan de Tooneelraad van Antwerpen in de Koophandel van Antwerpen (22–23 december 1889), p. 1. Bij al de grieven aan het adres van het bestuur werd ook gesuggereerd dat het 'caveau' (drinkhuis) terug bij de schouwburg diende te worden gevoegd, als meerdere bron van inkomsten voor de directie en tot groter gemak van het publiek. Tegen de uitbating van het 'caveau' door de schouwburgdirectie verzette Paul Billiet zich ten zeerste, want volgens hem zou deze het kunstdoel verwaarlozen ten voordele van de exploitatie van het 'caveau'.
[5] De vrede tussen Frans van Doeselaer en Paul Billiet zou echter niet zo vlug getekend worden. Zie Billiet, Hoe en door wie het Nederlandsch tooneel en de Vlaamsche opera te Antwerpen gesticht werden (Antwerpen, G. Janssens, 1918), waarin de tribulaties tussen Paul Billiet en Van Doeselaer naar aanleiding van de inrichting van de lyrische drama's in de Nederlandsche Schouwburg van Antwerpen weergegeven worden.
In de Koophandel van Antwerpen verschenen in het toneeljaar 1889–1890 geen besprekingen van toneelopvoeringen in de Nederlandsche Schouwburg, terwijl de opvoeringen in de Théâtre Royal, het Théâtre des Variétés en de Scala wel besproken werden. Wel werden vanaf het toneeljaar 1890–1891 de lyrische drama's besproken, maar de wrijvingen tussen de directie van de Nederlandsche Schouwburg en de redactie van de Koophandel van Antwerpen bleef aanhouden. Zie de Koophandel van Antwerpen van 4 september 1890 (p. 3), 18 september 1890 (p. 3), 20 september 1890 (p. 3) en 26 september 1890 (p. 3).

Biographic notes

Baelden, Hendrik (Bulskamp, 1851-10-19 - Antwerpen, 1901-08-12)

Burgerlijk ingenieur en toneelschrijver.

Leerling van het Koninklijk Atheneum in Brugge, waar hij kennismaakte met A.Cornette Sr., wiens intieme vriend hij bleef. Studeerde aan de Gentse universiteit, waar hij lid was van het Taalminnend Studentengenootschap 't Zal Wel Gaan en van 1872 tot 1880 talrijke bijdragen publiceerde in de Gentsche studentenalmanak. Werd in 1881 benoemd tot afdelingsoverste in de technische dienst van de Belgische Spoorwegen te Antwerpen. Was militant vrijzinnig en overtuigd vlaamsgezind.

Werkte mee aan De kleine gazet, waarin hij anti-papistische artikeltjes schreef. Was lid van het Taalverbond en van de Zuid-Nederlandsche Tooneelbond. Zijn literaire oeuvre is beperkt; het bestrijkt slechts dertien jaren (1874-1887). Hoogtepunten hierin zijn de drama's Varli de zanger (1884) en Christina Borluut (1886), beide in verzen.

Billiet, Paul (Antwerpen, 1838-02-14 - Antwerpen, 1918-11-01)

Schrijver en journalist.

Bevriend met Fr.van Hoof met wie hij in 1890 in de raad van beheer van de Antwerpse vereniging Les Amis des Orphelins zetelde. Liberaal voorman. Van 1858 tot 1862 medewerker aan De Grondwet o.l.v. J.van Rijswijck Sr. Redacteur (1863 - 1876) en hoofdredacteur (1876 - 1894) van De Koophandel van Antwerpen. Daarna Antwerps correspondent van De Vlaamsche gazet (Brussel) en Het laatste nieuws (id.). Was achtereenvolgens secretaris (1885), voorzitter van de Antwerpse afdeling (1890) en algemeen voorzitter (1894) van het Belgisch Komiteit der Drukpers. Kwam in De Koophandel van Antwerpen herhaaldelijk op voor het Nederlands toneel in Antwerpen en speelde een belangrijke rol bij de oprichting van de Vlaamse Opera aldaar. Schreef zelf ook toneelstukken o.m. Help U zelven (1867) Belofte maakt schuld (1872) en Liederik de rentmeester (1875). Vertaalde Frans en Duits toneelwerk.

Bolle, Bernard (Den Haag, 1861-05-22 - Heide-Kalmthout, 1835-12-27)

Schrijver.

Was eerst kabinetwerker. Vestigde zich te Antwerpen waar hij diamantslijper werd en in 1892 het vakblad De diamantnijverheid leidde. Schreef voornamelijk toneelstukken, meestal eenakters, maar ook novellen (o.m. onder het pseudoniem Jan Kelman) en één dichtbundel In 't Schoftuur (1887). Verbleef op het einde van de jaren negentig vijf maanden in Amerika als verslaggever van De nieuwe gazet.

Bom, Emmanuel de (Antwerpen, 1868-11-09 - Kalmthout, 1953-04-14)

Bibliothecaris, journalist en schrijver. Medeoprichter van Van Nu en Straks. Gehuwd met Nora Aulit op 24/08/1901 in Antwerpen.

Doeselaer, Frans van (Antwerpen, 1827-11-12 - Antwerpen, 1914-10-23)

Acteur.

Florus, Jan (Kasterlee, 1840-01-23 - Antwerpen, 1905-03-08)

Handelaar.

Voorzitter van de Liberale Vlaamsche Bond en mederedacteur van Recht door zee (1868 - 1875), het weekblad van deze vereniging. Behoorde met M.Rooses, Ed.van Regenmorter en P.Vekemans tot de eerste redacteuren van De nieuwe gazet (1897 - ). Was provincieraadslid en administrator van het Weldadigheidsbureel te Antwerpen.

Gemeenteblad van Antwerpen

Het oudst bewaarde exemplaar dateert van 1861; mogelijk werd dit blad reeds eerder uitgegeven, evenwel nà 1854, want het drukken ervan was nog niet opgenomen in het contract van 5 maart 1854 tussen de gemeenteraad en de drukker G.van Merlen en zoon. Vanaf 1868 werden de redevoeringen opgenomen in de taal waarin de sprekers ze opstelden (Frans of Nederlands). Van 1872 af verscheen een Franse en een Nederlandse uitgave. Tot 1862 was H.Simons, hoofdredacteur van La revue d'Anvers (liberaal-doctrinair), redacteur van het gemeenteblad, maar de raad besloot hem te verwijderen om zijn niet-objectieve mededelingen. Het gemeenteblad verscheen wekelijks; werd later verzorgd door het Stadssecretariaat.

Gittens, Frans (Antwerpen, 1842-12-17 - Antwerpen, 1911-06-26)

Toneelschrijver, bibliothecaris en politicus.

Koophandel van Antwerpen, De (1863 - 1897)

'Dagblad voor Politiek, Nijverheid, Kunst en Landbouw van Antwerpen'. Doctrinair-liberaal dagblad.

Land en Volk (1890 - 1896)

Veertiendaags geïllustreerd jongerenblad dat te Gent bij Ad.Hoste werd uitgegeven. De leiding berustte bij onderwijsmensen als J.Kesler. Andere leden van de redactie waren P.Anri, J.M.Brans, L.Teirlinck en Fr. van Steenweghen; ook H. Swarth werkte eraan mee.

Lattin, Gustaaf de (Antwerpen, 1858-01-01 - Antwerpen, 1918-01-21)

Schrijver, voornamelijk van vrij realistische toneelstukken, o.a. van het door herhaalde opvoeringen in de Antwerpse Poesje bekend gebleven poppenspel De leeuw van Vlaanderen (1894). Mederedacteur van Het tooneelblad (1896-1907), orgaan van de Zuid-Nederlandsche Toneelbond. Bestuurde met zijn vriend F.van Laer van 1905 tot 1912 de Koninklijke Nederlandsche Schouwburg te Antwerpen, waar hij een drastische repertoirevernieuwing doorvoerde. Was vast correspondent voor Antwerpen van Het algemeen handelsblad van Amsterdam.

Mont, Pol de (Wambeek, 1857-04-15 - Berlijn, 1931-06-29)

Schrijver, kunsthistoricus en journalist.

Nederlandsch Museum (1874 - 1894)

Gents liberaal tijdschrift.

Koninklijke Nederlandsche Schouwburg Antwerpen (1853 - - )

Nicolaï, Willem F.G. (Leiden, 1829-11-20 - Bloemendaal, 1896-04-28)

Dirigent en componist.

Rooses, Max (Antwerpen, 1839-02-10 - Antwerpen, 1914-07-15)

Kunsthistoricus en criticus.

Vader van Rosa Rooses.

Rosseels, Emmanuel (Antwerpen, 1818-07-11 - Antwerpen, 1904-12-02)

Schrijver en effektenmakelaar.

Rijswijck, Jan van (Antwerpen, 1853-02-14 - Testelt, 1906-09-23)

Advocaat en burgemeester van Antwerpen.

Taalverbond (1887 - –, 1900)

Liberale vereniging.

Teirlinck, Isidoor (Zegelsem (Oudenaarde), 1851-01-02 - Brussel, 1934-06-25)

Leraar, volkskundige en schrijver.

Théâtre Royal d'Anvers (1709 - 1934)

Antwerps theater, waarvan de voorgeschiedenis teruggaat tot de 17de eeuw, toen Antwerpse aalmoezeniers op diverse plaatsen in de stad toneelvoorstellingen inrichtten om geld te verzamelen voor liefdadige doeleinden. De eerste voorstelling in het zogeheten Tapissierspand (op de gronden van de huidige Komedieplaats), waar het theater sindsdien zijn vaste standplaats had, ging door in 1709. Tot 1829, toen het Tapissierspand werd afgebroken om plaats te ruimen voor de nieuwe door P.Bourla ontworpen schouwburg, bleef het een centrum van voornaam toneelleven te Antwerpen. Reeds tijdens het Oostenrijks bewind (1713—1794) werd het Vlaams toneel er verdrongen ten voordele van Franse en Italiaanse opera's. Onder Frans bewind verheven tot "Grand Théâtre" en onder Nederlands bewind tot "Théâtre Royal", groeide het na 1834, toen het inmiddels door de stad gesubsidieerde gezelschap zijn intrek nam in de nieuwe schouwburg, uit tot een brandpunt van Frans cultuurleven, waarbij een bijzondere voorliefde aan de dag werd gelegd voor opera's en operettes. In 1931 werden de stadstoelagen ingetrokken; de instelling verdween na het seizoen 1933 - '34. Het gebouw werd daarna ingenomen door de Koninklijke Nederlandse Schouwburg, die er nu nog gevestigd is.

Théâtre Royal d'Anvers (1847 - - )

Brussels theater, tussen Schildknapenstraat 69, Koningsgalerij 32, Prinsengalerij en Predikherenstraat. Het theater ligt in deze rechthoek ingebouwd en bestaat nog altijd. Het voor zijn tijd vooruitstrevend gebouw werd ontworpen door de architect Cluysenaer en in gebruik genomen in 1847. Tussen 1862 en 1907 vierde de operette er hoogtij, vooral onder het beleid van de directeurs Delvil, Carion en Maugé. Daarnaast werden in een luxueuse enscenering ook revues gebracht. Tussen 1890 en 1893 was de directie in handen van de orkestleider Durieux. Het Théâtre des Galeries speelde onafgebroken de belangrijkste rol in het Brussels theaterleven en in de ontwikkeling van het toneel zelf. Het aantal premières was er relatief groot, de voorstellingen waren vrijwel altijd interessant, de gezelschappen homogeen en van een zeldzame kwaliteit.

Venne, Jef van de (Antwerpen, 1867-06-12 - Wilrijk, 1952-07-17)

Onderwijzer en schrijver.

Studeerde aan de toenmalige Rijksnormaalschool voor jongens te Antwerpen. Werd in 1886 benoemd tot onderwijzer te Antwerpen. Was een der vroegste leden van de Mertensvereniging, waar hij vele Vlaamse vrijzinnige voormannen leerde kennen; medestichter van de onderwijsvereniging Diesterweg. Lid van het Antwerpse Taalverbond en secretaris van het Verbond der Vlaamsche Vrijzinnige Vereenigingen. Medeopsteller van Noord en Zuid en hoofdopsteller van Recht door zee, werkte mee aan het Nederlandsch museum, Ons woord en De Koophandel van Antwerpen. Schreef een groot aantal artikels over opvoedkunde.

Vlaamsche Kunstbode, De (1870 - 1913)

Maandblad.

Vlaamsche School, De (1855 - 1901)

Tijdschrift voor kunsten, wetenschappen, letteren, oudheidkunde en kunstnijverheid.