<Resultaat 1111 van 1419

>

DEURLE 3 NOV 1905 18-19
Aan Nora en Manuel de Bom
Verdussenstraat 30
Antwerpen
Bij Berchem
van wege M[ariette] van de W[oestijne], nieuw élement van Vlaanderen
ANVERS ARRIVEE 4 NOVE 05 0-1
 
KAREL VAN DE WOESTYNE en zijn vrammes[*]
aan Mane de Bom en zijn vrammes.
Mijn twee besten Nora en Manuel.
Ik zit neer bij het vuur, en bij Karel, en wroetel in alle onze oude correspondensies, waar ik zoo goede en heerlijke brieven van u twee in vind. Ik zeg me zoo in mij zelven, dat ik nog al een redelijk ingrat[1] schepsel ben en na die heilzame gedachte, zet ik mij u te schrijven. Hoe gaat met u beiden, mijn dierbaren? Met uw borst O Nora......? Met uw lever O Manuel.....? Is dat alles goed in de plooien, ik begin het fel erg te vinden, dat ge van zomer bij ons niet geweest zijt! Wij hadden er nochtans genoeg naar verlangd, de deceptie is, — wordt — blijft te grooter, maar wij zullen zeker een dag komen van de winter, en die toestand van gedachte, maakt me half getroost (poètique nest-ce pas?) ik geloof dat ik die schoone "tournures"[2] van Manuel geleerd heb, en ook een beetje van die meenige vlaamsche en hollandsche dichters, die ik van de zomer de eer had in mijn huis te ontvangen Wij hebben van deze week Verwey gehad, en.... hij heeft zijne verzen voorgelezen, Colossaal..... ik heb tranen gelachen! Aan onze eerste bij een komst zal ik u eens het genoegen geven u te laten hooren hoe die man zijne vi r r r r r r r r r zen zingt! Spreek me niet van, van Langendonck, dat is de "charmantste" mensch die ik mijn leven ontmoet heb, hij mag gerust bij ons komen wonen, hij zou wilkom zijne, wij hebben eenige zeer goede partijen gehad met hem! Ook veel genoegen gehad van het bezoek van de Ontrops, "zie hadden hulderen schoensten répertoire mede gebracht."
Hoe vindt ge die lolle van die "sculpturale" Pelagie![3] en alle dat minnewater kan dat spel niet wit wasschen, alles is nog in de zelfden toestand, en zal zeker ook zoo blijven! Maar spreken wij eens van onze Paul, Ne schat van ne jongen en zoo snel, en zoo dik, en zoo fel, en zoo lief, hij spreekt al, en hij loopt bijkanst, ik ben er stapel zot van en Karel ook. ik hoor hem razen en roepen van uit de keuken, wat is dat een vreugd met die kleine, móest ik dat alles herleven voor zoo eenen Paul, ik zou het met genoegen herleven'! Hij zegt Papa — Mama — Bo mama — Bo papa — "kijk hij kijken" (t'es gentsch het laatste) en zoo alle dingen,[*] hij bezit vier tanden en verwacht er nog eene meenigte, een beetje haar, en verwacht er ook veel meer, en zoo voorts, en zoo voorts!
daar komt hij binnen op de armen van de meid, zijn papa neemt hem in zijne armen, en Paul is zoo gelukkig en komt bij mij, nen toes, dada,... hij is weg!.... en zoo leiden wij een zoet leven, nu dat alle peinen voor bij zijn die zijn wij heele maal gelukkig en te vreden! Onze duitsche vrienden zijn weg,[4] ik heb er heel erg spijt in gehad, uitmuntend brave en genegene menschen dat komt me àlle dagen niet tegen[.] ik studeer razend mijn piano, Beethoven Beethoven, en nog Beethoven, ik geloof dat ik een beetje progres, doen, de stem laat ik varen, geen "zonnenschein" meer[5] (voor het oogenblik, Karel, vraagt me een beetje plaats op dit papier[)] Adieu dan, en alle beste vriendschap u van gansche ♥ Mariette.
Als ik het proza van mijn vrammes met een kritisch oog lees, dan denk ik aan een razend gevecht tusschen de Vries-te Winkel en Kollewijn om het lijk van Vercoullie-Grammaticus.[6] Voor 'tgeen de begrijpelijkheid aangaat: dan denk ik aan mijn eigen proza.
Ik ga Mariette uitnoodigen aan "Vlaanderen" meê te werken.
Waarmede ik, heusch groetend, verblijve
Uw
Karel.

Annotations

[*] 'Vrammes': vrouwmens, vrouw. Het voorgedrukte woord 'aan' na de eveneens voorgedrukte naam van Karel van de Woestijne werd door Mariette van Hende geschrapt.
[1] 'Ingrat': ondankbaar.
[2] 'Tournure': wending (hier: sierlijke manier van zeggen of schrijven).
[3] De exacte betekenis van deze passage is niet opgehelderd.
[*] 'Bo mama' en 'bo papa' (van 'bon mama' en 'bon papa'): grootouders. In dit geval gaat het om de ouders van Mariette.
[4] Heinrich Nauen en Marie von Malachowski (zie brief 127, noot 2).
[5] Van Beethoven is wel de 'Mondscheinsonate' bekend, maar geen 'Sonnenschein'. Wat van Beethoven het dichtst in de buurt komt, is een van de 'Irish Songs', 'Tis sunshine at last' (WoO 153 nr. 13). Het is moeilijk te achterhalen welk lied Van Hende hier bedoelt, maar misschien gaat het om 'An den Sonnenschein' (R.A. Schumann). Andere mogelijkheden zijn onder meer 'Im Sonnenschein' (R. Strauss, opus 87 nr.4) en 'Bienchen, Bienchen, wiegt sich im Sonnenschein' (R. Strauss 'Wiegenliedchen' opus 49 nr. 3).
[6] Van de Woestijne bedoelt Jozef Vercoullie.

Register

Naam - persoon

Beethoven, Ludwig van (° 1770 - ✝ 1827)

Duitse componist, die door Van de Woestijne erg werd bewonderd.

Bom-Aulit, Eleonora (Nora) de (° 1879 - ✝ 1955)

Na een kortstondige relatie met Lode Ontrop huwde ze op 24 augustus 1901 met Emmanuel de Bom. Door haar permanent wankele gezondheid en de hoge mate waarin ze beïnvloed was door de (waan-)ideeën van 'waterdokter' Alwyn van Son, bleef het huwelijk echter 'in alle betekenissen van het woord onvruchtbaar'.

Kollewijn, Roeland Anthonie (° 1857 - ✝ 1942)

Taalkundige die met het artikel 'Onze lastige spelling' in opstand kwam tegen de spelling De Vries-Te Winkel. Deze opstand leidde tot de oprichting van de 'Vereniging tot de Vereenvoudiging van onze Schrijftaal' (1892).

Langendonck, Prosper van (° 1862 - ✝ 1920)

Medestichter van Van Nu en Straks die jarenlang als ambtenaar in Brussel heeft gewerkt. In de redactie van dat tijdschrift was hij de enige katholieke redacteur. Hij was ook ouder dan de anderen. Daardoor fungeerde hij min of meer als hun mentor. Als overgangsfiguur stimuleerde hij hun literaire vernieuwingsdrang, maar vestigde hij ook hun aandacht op het grote talent van enkele voorgangers, zoals Guido Gezelle. Hij publiceerde slechts één bundel romantische gedichten, Verzen (1900). De Bom en vooral Van de Woestijne koesterden een grote bewondering voor hem. Die bewondering nam niet af, ook niet toen Van Langendonck steeds heviger verschijnselen van (erfelijke) schizofrenie begon te vertonen.

Malachowski-Nauen, Marie von (° 1880 - ✝ 1943)

Duitse kunstenares die houtsnijwerk en schilderijen maakte, voornamelijk (kinder-)portretten, stillevens en landschappen. Ze was getrouwd met Heinrich Nauen.

Nauen, Heinrich (° 1880 - ✝ 1940)

Duitse expressionistische schilder. Hij was getrouwd met Marie von Malachowski.

Te Winkel, Lammert Allart (° 1806 - ✝ 1868)

Taalkundige. Zie ook Matthias de Vries.

Vercoullie, Jozef (° 1857 - ✝ 1937)

Taalkundige. Hij publiceerde in 1890 een Etymologisch woordenboek der Nederlandsche Taal en een Algemeene Inleiding tot de Taalkunde. Hij was secretaris van de in Gent opererende kunstkring 'De taal is gansch het volk'.

Verwey, Albert (° 1865 - ✝ 1937)

Nederlandse dichter en essayist die in 1885 met enkele gelijkgezinden De Nieuwe Gids oprichtte. Vier jaar later verliet hij de redactie om samen met Lodewijk van Deyssel in 1894 het Tweemaandelijksch Tijdschrift voor letteren, kunst, wetenschap en politiek op te richten. Dat blad werd in 1902 omgedoopt in De xxe Eeuw, waar Verwey in 1904 uitstapte om alweer een nieuw blad op te richten, m.n. De Beweging, algemeen maandschrift voor letteren, kunst, wetenschap en staatkunde.

Vries, Matthias de (° 1820 - ✝ 1892)

Taalkundige die samen met L.A. te Winkel een spellingsysteem opstelde dat aan de basis ligt van onze huidige spelling. Ze zijn ook de grondleggers van het Woordenboek der Nederlandse Taal (WNT), dat pas in 1998 is afgerond.

Woestijne, Paul van de (° 1905 - ✝ 1963)

Zoon van Karel van de Woestijne, die na zijn proefschrift als specialist in middeleeuws Latijn aan de universiteit van Gent verbonden was.

Woestijne-Van Hende, Maria (Mariette) van de (° 1884 - ✝ 1968)

Echtgenote van Karel van de Woestijne. Ze trouwden op 13 februari 1904 en kregen samen een zoon (Paul) en een dochter (Lily). Dochter van een echtpaar dat in het centrum van Gent een zaak had waar spiegels werden gemaakt en verkocht.