<Resultaat 126 van 1419

>

Vriend,
Eindelijk ben ik aan de Twee Doctoren (lyrisch drama in 2 schuifkens en 1 proloog) begonnen. (Vanavond heb ik een banket omdat m'nen baas gedekoreedjd is en kan er dus niks aan doen.. Morgen avond is 't af. Zend me spoedig, per omgaande, uw symfonisch monodrama. Dat lasch ik te goeder plaatse in. Zors[1] zal een ouvertuur (?) maken, coupletten adapteeren en voor uw symf[onisch] monodrama "lyrische" muziek maken. Ik zal 1 exempl[aar] voor u overschrijven en aan de piano lezen we elk rol, met de noodige intonaties. Zaterdag namiddag zullen we dat eens repeteeren.
Het onderwerp is — geloof ik!? — dees: Dr. van Mane vindt Dr. Dietz [2] voor een stammeneïke in Gent, op een dag dat de Vl[aamsche] Academie zitting houdt. Van Mane sleurt Diets meê om te gaan uitzet-ten en ze pakken der 20! en dan voor eeuwig... Zoodat ze tut zijn als ze weggaan. In die stammeneï houden ze een gesprek over de letterkundige toestanden. Daarin moet de kwestie van den 5 jaarlijkschen prijskamp besproken worden;[3] Hansen leest den diskoers dien hij straks in de Academie gaat lezen;[4] van Mane zijn monodrama. Zij maken critiek. Ruzie! D[iets] scheldt M[ane] als de conditio sine qua non van alle revue's — waarop Mane fier is... Ten slotte verzoening en, arm in arm, op een kluchtig Engelsch airke dat vroeger in den Eldorado gespeeld werd trekken ze er van deur... naar de K.K. demie.
Als gij een idee hebt schrijf het spoedig. Woensdag zal ik u zenden wat ik deed. Maar Zors zou vast uw machine moeten hebben vóor morgen-avond.
[2]
Ziehier de
Prologe,
te reciteeren door een acteur met 4 oogen.
Geachte toehoorders en - toehoorderessen!
We trekken niet gâeren de vrienden op flesschen
En willen niet venten voor goeien wijn
Wat alleen maar zuren azijn - kan zijn.
't Is jongenspret, kwâpitsenvreugd,
En, lacht g'er niê mee, óns deed het toch deugd.
't Lust ons, van tijd tot tijd eens wat te gekken
En menigen zot een kleêken aan te trekken.
Wij meenen het niet kwaad, en — a, a, e, i! —(1)
't Lot viel vandaag op dé Academie!
Ons stuk speelt in de stad van Uitzet, Schelde en Lei
— Want al de goeie dingen bestaan altijd in drij! —
(verteederd) 't Was in de Pietmaand — maand van Piet —
't Geen zeggen wil: September — 'lijk m'in het jaarboek der Academie bemerrekt ziet.
Men zou dien dag fameuze zitting houwen
Van Mane had er al een monodrama voor gebrouwen.
Doctor Diets was een diskoers aan 't knouwen
Enfin, ze zouden ginder kennis maken met hunne ouwe!
Een uur vóor Klokke Roeland d'ure bromt
Kwam doctor Mane in Gent reeds aangesto'md.
En, wijl hij juist een stammeneeke in wil gaan,
Vond hij op zijne weg 'nen (andren) doctor liggen staan.
Want liggen staan, dat deed de man.
Wat wilt ge? als hij met zoo'n vioolkassen niet vooruit en kan!
[3] Wat zij malkander daar vertelden
Dat zal ons stuk u verder melden.
Spalk open dus al uwe ooren.
Muzijk! begin: hier zijn de 2 Doctoren!

Evocatieve muziek.
1e Schuifke.

(1) Dat is een nieuwe lach, een krankzinnige!
Gust, schrijf spoedig!
Pol van Mane

Annotations

[1] Joris de Bom.
[2] Blijkbaar wordt Constant Jacob Hansen gepersifleerd. De naam Dietz (elders: Diets) is waarschijnlijk een allusie op diens ijveren voor de Aldietse beweging. De rol van Dr. Diets werd blijkbaar gespeeld door De Bom en die van Dr. van Mane door Vermeylen.
[3] Tegen de toekenning van de 'Vijfjaarlijksche prijs voor Vlaamsche letterkunde' (1885-1889) aan Hilda Ram voor haar Gedichten werd, vooral van liberale zijde, heftig geprotesteerd. Zie het Maandblad van het Taalverbond, I, nr. 7 (14 dec. 1890), p. 65-66.
[4] Deze redevoering is niet terug te vinden in de jaarboeken van de Academie van 1890 en 1891; ook in de archieven van de Academie werd niets ontdekt. In de Verslagen en Mededelingen der Koninklijke Vlaamsche Academie voor Taal- en Letterkunde (juli-aug. 1890), p. 204 wordt wel de toekenning van de prijs (1885-1889) aan Hilda Ram vermeld, en in de verslagen en mededelingen van februari-maart 1891 vindt men het Verslag van den Keurraad aan den Heer Minister van Binnenlandse Zaken en Openbaar Onderwijs. De 'keurraad' werd gevormd door leden van de Academie, en het verslag was ondertekend Pieter Willems (voorzitter), Theophiel Coopman (secretaris-verslaggever), Ludovicus Roersch (ondervoorzitter) en Servaas Daems, Julius Obrie, Lodewijk Mathot, Jan van Droogenbroeck (leden). Hansen was sinds 27 oktober 1887 lid van de Academie. Zie het Jaarboek der Koninklijke Vlaamsche Academie voor Taal- en Letterkunde (1887), p. 82. Ook de parodie werd niet teruggevonden. Zie ook Bert Van Raemdonck, 'Met Kwabbes en Droes naar de kabberdoes. Correspondentie rond Van Nu en Straks', in Zuurvrij. Berichten uit het AMVC Letterenhuis, 12 (juni 2007), p. 6-13.

Register

Naam - persoon

Bom, Emmanuel Karel De (° Antwerpen, 1868-11-09 - ✝ Kalmthout, 1953-04-14)

Bibliothecaris, journalist en schrijver. Medeoprichter van Van Nu en Straks. Gehuwd met Nora Aulit op 24/08/1901 in Antwerpen.

Bom, Georgius Franciscus De (gen. Joris) (° Antwerpen, 1866-06-03 - ✝ Antwerpen, 1926-11-10)

Broer van Emmanuel. Onderwijzer, componist en dirigent.

Gehuwd met Louisa Theresia Joris op 11/08/1892.

Coopman, Theophiel (° Gent, 1852-11-24 - ✝ Schaarbeek, 1915-06-04)

Dichter, criticus, literatuurhistoricus en bibliograaf.

Daems, Servaas Domien (° Noorderwijk, 1838-06-04 - ✝ Tongerlo, 1903-07-30)

Kanunnik, schrijver en redenaar.

Droogenbroeck, Jan Van (° Sint-Amands, 1835-01-18 - ✝ Brussel, 1902-05-27)

Onderwijzer, ambtenaar en schrijver.

Hansen, Constant Jacob (° Vlissingen, 1833-10-04 - ✝ Brasschaat, 1910-04-14)

Letterkundige en bibliothecaris.

Mathot, Lodewijk (° Antwerpen, 1830-08-26 - ✝ Antwerpen, 1895-07-05)

Schrijver.

Obrie, Julius (° Gent, 1849-03-16 - ✝ Gent, 1929-11-20)

Hoogleraar en magistraat.

Ramboux, Mathilda (° Antwerpen, 1858-10-31 - ✝ Antwerpen, 1901-07-12)

Eigenlijk: Ramboux, Mathilda.

Schrijfster.

Roersch, Ludovicus (° Maastricht, 1831-05-30 - ✝ Luik, 1891-10-28)

Classicus van Duitse afkomst.

Studeerde klassieke filologie aan de Leuvense universiteit. Lid van de vereniging Met Tijd en Vlijt. In 1872 hoogleraar aan de Luikse universiteit, waarvan hij van 1888 tot 1891 ook rector was. Lid van de Académie Royale de Belgique sinds 1882 en van de Koninklijke Vlaamsche Academie voor Taal- en Letterkunde sinds 1886. Was geïnteresseerd in de Vlaamse letterkunde. Schreef beknopte monografieën over J.F.J.Heremans en J.Nolet de Brauwere. Hield zich ook bezig met de Van Maerlantstudie. Lid van het bestuurscomité van de Biographie nationale, waarin hij tal van levensberichten van oude filologen en humanisten publiceerde. Schreef in Patria Belgica (1873 - 1875) een opmerkelijke 'Histoire de la philologie en Belgique'. Werkte behalve aan een aantal Franstalige vaktijdschriften in Vlaanderen nog mee aan De toekomst en Noord en Zuid.

Vermeylen, August. (° Brussel, 1872-05-12 - ✝ Ukkel, 1945-01-10)

Hoogleraar, kunsthistoricus en schrijver. Medeoprichter van Van Nu en Straks. Gehuwd met Gabrielle Josephine Pauline Brouhon op 21/09/1897.

Titel - krant/tijdschrift

Maandblad Van Het Taalverbond (° 1890 - ✝ 1895)

Op voorstel van H. Langerock (secretaris van de Brusselse groep) werd het Jaarboek van het Taalverbond vervangen door een maandelijks bulletin, waarin gedetailleerd verslag werd uitgebracht over de vergaderingen die in de diverse groepen werden belegd. De administratie berustte bij Fr. van Cuyck. In tegenstelling tot de Jaarboeken bevatten de Maandbladen geen literair gedeelte meer. In plaats daarvan gaf het Taalverbond jaarlijks minstens één werk van een van zijn leden in eigen beheer uit (b.v. Uit het leven door L. Smits en Volksgeneeskunde in Vlaanderen door A. de Cock).

Naam - instituut/vereniging

Koninklijke Vlaamsche Academie Voor Taal- En Letterkunde